Michiel Mans: Defensiedeskunde voor Dummies III

Het heeft rupsbanden. Maar: is het een tank?Er vliegt, knalt, rolt en ratelt in de wereld een hoop rond op militair gebied. Je zou denken dat na decennia oorlog – van Desert Storm tot de huidige ISAF-operaties in Afghanistan, gelardeerd met burgeroorlogen zoals op de Balkan, in Libië of nu in Syrië – iedereen die het op de buis, in de krant of op een blog uitlegt inmiddels wel weet wat er zoal vliegt, knalt, rolt en ratelt. Niets is minder waar. Daarom presenteren wij vol trots: Defensiedeskunde voor Dummies. Deze serie is helaas niet meer op het internet terug te vinden, dus extraspeciaal voor de lezers van Stukje Duiding heeft soldaat der 1e klasse b.d. en ThePostOnline-auteur van het eerste uur Michiel Mans zijn serie afgestoft, opgepoetst en in een nieuw jasje gegoten. Vandaag neemt Mans ons mee in de wondere wereld van de non-tanks. Zet je schrap voor een stukje onvervalst “pantserherkenning 101”.

Vorige keer deed Dummies de tanks. Deze keer de non-tanks. Om ze beter uit elkaar te kunnen houden. Het vervelende bij de herkenning van tanks is namelijk dat talloze voertuigen met een rupsonderstel erop lijken. Gemechaniseerde artillerie bijvoorbeeld. Op zijn Engels self-propelled (SP) artillery. Dit zijn tegenwoordig bijna altijd (licht) gepantserde rupsvoertuigen met een dikke houwitser (typisch 155 mm) in een draaibare koepel. Wel zit de toren meestal meer achterop, met de motor voorin. Dat laatste heeft de Israëlische Merkava Main Battle Tank (MBT) eveneens, wat een definitie bemoeilijkt. Bij de oorlogsverslaggeving vanuit Libië werden de 210 door dit land aangeschafte Italiaanse Palmaria 155 mm SP-houwitsers in de media vrijwel altijd als tanks omschreven. Wat ze niet waren, ook al is het onderstel van de Palmaria afgeleid van de Leopard I tank.

Een aanpalende categorie is het SP-luchtafweer, wat eveneens een (tank)rupsonderstel kan hebben. Gezien de toevoeging van radarsystemen, meervoudige lopen en-of een raketbewapening, levert deze gepantserde rupssoort minder herkenningsproblemen op. Bij de genievoertuigen met een rupsonderstel wordt het complexer. Best lastig. Zeker voor politici.

D66 oud-fractievoorzitter Gerrit-Jan Wolffensperger, tevens oud-voorzitter van de NOS (geen uitblinkers in pantserherkenning), kan hier over meepraten. Of misschien beter niet. Hij deed het recent toch in een uitzending van Andere Tijden. Over de beruchte krakersrellen rond de kroning in 1980. Bij deze rellen werden door de genie Bergepanzer-uitvoeringen van de Leopard I tank ingezet. Het voormalige NOS-genie hield het echter op Centurion MBTs. Centurions waar volgens Wolffensperger op speciaal verzoek van burgemeester Polak het kanon van was verwijderd. Volstrekte lariekoek. Pantserherkenning kan dus verder bemoeilijkt worden door een rijke fantasie.

Ook de categorie genievoertuigen kan gebaseerd zijn op een tankonderstel. Het woud aan acroniemen zoals ARV, AEV, BARV, CEV en CET geeft al weg dat de familie talrijk en divers is. Aan de ‘onderkant’ van het spectrum gaat het om van aangepaste civiele bulldozers tot speciaal voor militaire doeleinden ontwikkelde versies zoals de Britse FV180 CET (Combat Engineer Tractor). De op een tankonderstel gebaseerde typen hebben meestal een verhoogde romp zonder geschutstoren, voorzien van kranen, lieren en andere hulpstukken. Voorop zit meestal een dozerblad. Dozerbladen of mijnenruiminstallaties kunnen ook als extra’s op een standaardtank worden gemonteerd. Soms met een afwijkende toren waarin een kort, zwaar kaliber demolition gun huist. Van deze laatste -wat uitstervende- categorie zijn de Amerikaanse M728, gebaseerd op een M60 tank, en de Centurion AVRE-165 een voorbeeld. In veel gevallen wordt er bij de engineer tracks voortgeborduurd op de excentriekelingen van Sir Percy Cleghorn Stanley Hobart. Zijn ‘Funnies‘ waren baanbrekend. Ook letterlijk. Waar dan weer versies voor bestonden om gebroken banen opnieuw begaanbaar te maken.

DIT is nou een Centurion
Centurion (IDF) Nakpadon

Dan de tracks van de infanterie. Voor de zandhazen bestaan nog meer rupsfamilies dan voor de techneuten. Van vrij eenvoudige lichtgepantserde typen zoals de hoekige Amerikaanse M113 Armoured Personnel Carrier (APC is de soortnaam), tot zware Israëlische buitenbeentjes gebaseerd op tanks. Inclusief versies gebaseerd op hun eigen Merkava. Een tank waar ‘natuurlijk’ al een paar infanteristen achterin kunnen klimmen.

Moderne APCs zijn een evolutie van voertuigen die in WOII optrokken met tanks. De bekendste uit WOII zijn de Duitse Sd.Kfz. 251 Sonderkraftfahrzeug en Amerikaanse half-track families. Beide een hybride met aangedreven rupsbanden achter en een sturend wielonderstel voor. In het Amerikaanse geval een aangedreven wielonderstel, wat het voertuig in terrein beter bestuurbaar maakte. De Sd.Kfz kon hier een lagere bodemdruk en een slimmer pantser tegenover stellen. Hoewel beide vrijwel dezelfde pantserdikten hadden met circa 7 mm voor de zijkanten en tot 12-15 mm aan de (bovenbouw) voorkant, beschermde de Amerikaan verticaler. Voor een gegeven pantserdikte moet een projectiel zich bij pantser onder een hoek door meer plaatmateriaal heen werken. Een schuine plaat vergroot daarnaast de kans op afketsen. Duitse 7,92 mm munitie ging regelmatig door de zijkant van een half-track heen. Waar de doorgedrongen kogels dan, zoals een GI eens meldde, “rattled around a bit“. De top van beide voertuigen bleef open. Een openheid die goed is voor situational awareness, maar belazerd wanneer het granaatsplinters regent. Dit laatste werd samen met een betere NBC-bescherming belangrijker gevonden zodat post-WOII APCs veelal een gesloten ontwerp zijn.

De APC met circa tien infanteristen achterin ontwikkelde zich in de zestiger jaren tot een Infantry Fighting Vehicle (IFV) voor zes tot acht uitstijgende infanteristen. De Russen trapten in 1967 af met de BMP, in 1971 gevolgd door de Duitse Marder, waarna ook de rest van de wereld erin klom. Soms door een APC ‘op te voeren’ zoals de YPR-765, een lichte IFV (13,5 ton). De YPR is een verbeterde M113 met gelaagd pantser en een geschutskoepel voorzien van een 25 mm snelvuurkanon. De huidige Amerikaanse Bradley, Britse Warrior en Zweedse CV90 familie (in Nederland als CV9035NL) wegen, ondanks dat ze minder zwaar gepantserd zijn dan de MBTs waar ze mee optrekken (voor Nederland optrokken), vrijwel hetzelfde als middelzware tanks uit WOII (circa 30 ton). Daar ze net als tanks geschutstorens hebben lijken IFVs voor een ongetraind oog sterk op hun zwaardere tankmaten. Wel zijn de torens kleiner en zit hier geen zwaar geschut in, maar typisch een 20-40 mm snelvuurkanon, soms aangevuld met een of meer antitankraketten.

cv9035
CV9035(NL MinDef)

En soms is het weer anders. In Israël gebruikt men naast meer ‘traditionele’ M113 APC versies een familie van buitenbeentjes. Tanks zonder geschutstoren verbouwd tot APC (en andere varianten). Van verwerkte buitgemaakte T54/55 tanks en versies van hun eigen Centurion MBT tot de Namer, gebaseerd op de Merkava tank. Voertuigen met een gelijkwaardige pantsering als tanks. Echter in tegenstelling tot IFVs, zonder een geschutstoren met een snelvuurkanon. De bewapening beperkt zich tot machinegeweren, wat teruggrijpt naar APCs. De IDF-gedachten van de infanterie dezelfde bescherming geven als de tanks waar ze mee optrekken, wijkt af van eisen voor IFV-ontwerpen. Hoe imposant IFVs ook zijn, ze zijn aanzienlijk minder goed bepantserd dan MBTs. Een lichtere bewapening dan MBTs en geringere infanterie-vervoercapaciteit dan APCs, maken IFVs een ietwat vlees-nog-vis familie. Met de nodige (andere) tekortkomingen volgens sommigen. William Owen schrijft hierover in zijn artikel: Wrong Technology for the Wrong Tactics – The Infantry Fighting Vehicle. Te vinden bij The Journal of Military Operations Volume 1 issue 3 (lidmaatschap is gratis -een aanrader).

Michiel Mans is een ‘nukubu’. Een nutteloze kutburger in een leunstoel. De nachtmerrie van elke professional. Een bd-soldaat der 1e Klasse die vrijwillig als verkenner met zijn jeep, en later als zandhaas bij de Nationale Reserve, de Rode Horden tegenhield. Daarnaast leest Mans wel eens een Sun Tzu, Liddell Hart, Marshall of van Creveld. Of trekt zijn bijbel ‘The encyclopedia of Military History’ van Dupuy & Dupuy uit de kast. Mans weet dus alles. Helaas luistert niemand naar hem.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s