Het air-sea battle concept: boksen met lange armen

air-sea-battlesIedere generatie heeft ‘recht’ op zijn geopolitieke strijd en wij dus ook. Wat dat betreft zijn de tekenen gunstig: we staan aan de vooravond van een aanzienlijke koerswijziging in de politieke en militaire strategie van de enige ‘hyperpower’ van de wereld, Amerika. De vraag waar het in dit artikel om draait is waarom een dergelijke koerswijziging nodig is en in welke richting ontwikkelingen zich aan het ontvouwen zijn. Oftewel: hoe politieke en militair-strategische veranderingen leiden tot een nieuw militair operatieconcept van Amerika.

In 2014 zal de operatie in Afghanistan afgerond zijn, of anders gesteld, ze stoppen er mee. Er zullen nog enkele duizenden militairen achterblijven (hoeveel wordt nog bezien), maar het overgrote deel zal huiswaarts keren. Daarnaast zal het aantal Amerikaanse militairen dat in Europa is gestationeerd (voornamelijk in Duitsland) sterk afnemen – van 213.000 in 1989 naar minder dan 64.000 in 2013, met plannen om er de komende 5 jaar nog eens 2500  terug te halen. Hoewel dat op zijn beurt weer strategische gevolgen heeft voor Europa, zal in dit artikel de focus exclusief op Amerika liggen. Aan alles is namelijk te merken dat de VS haar aandacht aan het verschuiven is. Maar wat gaan ze precies doen? Wat zijn de nieuwe dreigingen, waar gaan hun legers naartoe, waar gaat het land in investeren en wat voor gevolgen heeft dat voor mondiale machtsverhoudingen?

Common goods?
Velen, zo niet iedereen, lijkt te profiteren van globalisering. Facebook staat vol met vrienden die overzees wonen, auto’s worden goedkoop in Nederland verkocht omdat de loonkosten elders laag zijn en de wereld lijkt geen geheime plekken meer te kennen. Globaliseren is een voorrecht van onze tijd geworden. De openlijke en vrije toegang tot of het gebruik van mondiale verworvenheden (common goods)  wordt echter steeds vaker betwist. Dit fenomeen heet Anti-Access (A2) en Area Denial (AD), A2-AD.

Anti-Access beslaat operaties, vaak op lange afstand, waar wordt getracht de vijand uit een (deel van een) domein (land, lucht, water en ruimte) te houden. Denk hierbij aan de toegang tot of het gebruik van internationale wateren (in de omgeving van olierijke gebieden, betwiste eilanden of belangrijke vaarroutes), de ruimte (t.b.v. spionage of communicatie) of cyberspace. Middelen als  ballistische raketten, onderzeeboten, vliegdekschepen, anti-satelliet raketten en cyberaanvallen horen bij de Anti-Access strategie. Ook valt een politiek en economisch isolement binnen deze categorie. Om het concreet te maken kan bij een A2-operatie gedacht worden aan een cyberaanval die de communicatie van een partij verstoord, waardoor deze niet meer in staat is een gecoördineerde actie uit te voeren. De mogelijkheid tot een militaire actie wordt dan ernstig bemoeilijkt.

Area denial operaties vinden vaak plaats op kortere afstand en staan wel toe dat een andere partij een gebied betreedt, echter, de freedom of action van die partij wordt in het betreffende gebied zeer beperkt. De middelen die bij dergelijk acties worden gebruikt zijn onder andere kruisraketten, WMD’s, mijnen, mortieren/artillerie, electronic warfare en luchtafweer. Een voorbeeld van een dergelijke actie is het kort aanschakelen van luchtverdedigingsradars. De aanvallende partij weet dan dat er luchtverdediging aanwezig is en moet daarop anticiperen, waardoor zijn bewegingsvrijheid wordt beperkt. Het vrije gebruik van het luchtruim is hem op die wijze min of meer ontzegd.

De gedachte achter het concept van A2-AD is dat een partij bij aanvang van een operatie zijn uitgangspositie ten opzichte van de tegenstander zo positief mogelijk wil maken. Dit zal hem voordeel geven tijdens de opvolgende offensieve fase van de operatie. Deze positieve uitgangspositie kan een fysieke locatie zijn maar ook een informatie- of communicatievoorsprong. In staat zijn om de vijand zijn geprefereerde uitgangspositie te ontzeggen of hem te beperken in het uitbuiten van de voordelen ervan levert in de offensieve fase voordelen op. Amerika heeft gemerkt dat ze in toenemende mate met deze uitdagingen te maken heeft, maar op dit moment (nog) niet over een passend antwoord beschikt.

De bokser met een lange arm
Met de zeer recente ervaringen uit Afghanistan en Irak, het bestrijden van een sterker wordend Al-Kaida en de problemen die voortkomen uit de Arabische opstanden, valt te twijfelen aan de noodzaak om op A2-AD uitdagingen te richten. Counterinsurgency lijkt meer aan de orde van de dag en daar valt op het gebied van doctrine, organisatie en opleidingen ook nog, zo lijkt het, veel winst te behalen. Toch bestaan redenen waarom A2-AD op mondiale schaal grotere uitdagingen bieden.

De  eerste reden betreft de dreiging vanuit Iran en Azië. Iran is een hoofdpijndossier op meerdere fronten. Het is een voedingsbodem voor sektarisch geweld, heeft economische touwtjes in handen en wil zich laten gelden als nucleaire macht. Daarnaast worden er door verschillende Aziatische landen vele territoriale claims geuit. Eilanden, internationale wateren en natuurlijke bronnen worden, vaak op basis van historische argumentatie, als eigendom beschouwd. Dit heeft reeds tot meerdere confrontaties geleid. Verder moet Noord-Korea in het gareel worden gehouden. Hoewel van strategisch beperkt belang hebben meerdere opvolgende “crises” al veel aandacht vanuit Washington geëist.

Het land waar het echter uiteindelijk om draait is China. Het land groeit economisch sterk, investeert veel geld in defensie, produceert steeds vaker zijn eigen wapens, heeft groeiende belangen in Afrika en wordt door al deze ontwikkelingen een strategische concurrent van Amerika. Rusland richt zich daarnaast ook steeds meer, mede dankzij Amerika, op China om haar herstel na de koude oorlog te versnellen en zo uiteindelijk weer mee te doen in de mondiale arena. Samenvattend is de eerste reden om van operatieconcept te wijzigen de verschuivende geopolitieke verhoudingen in de wereld.

De tweede reden gaat over de mate van spreiding van landen die ontvankelijk zijn voor Amerikaanse eenheden. De terughoudendheid ten aanzien van intensieve samenwerking wordt steeds duidelijker zichtbaar. Hieruit volgen vooral logistieke problemen als basing, fly-over toestemming of host nation support. Daarnaast is Amerika vanwege bezuinigingen ook genoodzaakt om het aantal eenheden die in het buitenland zijn geplaatst te verminderen. Hoewel die ontwikkeling niet moet worden overdreven, is het wel te zien als een trendbreuk. Het land heeft van oudsher relatief veel troepen in het buitenland gehad: waar capaciteit voorheen geografisch meer verspreid was, wordt deze nu in toenemende mate gecentraliseerd binnen de eigen landsgrenzen. Naast de toename in fysieke centralisatie heeft Amerika tegelijkertijd steeds minder ruimte voor solistisch optreden. Andere grote mogendheden laten zich nu niet zomaar door uncle sam vertellen wat ze moeten doen en tegelijkertijd is steun van kleinere landen niet langer een vanzelfsprekendheid. We zien dit nu ook gebeuren in Rusland. Amerika dient zich in toenemende mate, op zowel territoriaal, politiek als economisch gebied een ‘nieuwe’ rol eigen te maken. Hierdoor bestaat het risico dat het land, bij niet tijdig aanpassen aan de nieuwe multipolaire omgeving, bij een blijvend solistisch beleid zich vervreemd van de overige actoren op het geopolitieke toneel. Een mogelijke oplossing, en misschien wel de enige, is om de bokser die in de hoek staat een langere arm te geven zodat hij nog steeds een stoot kan uitdelen.

De derde reden betreft het feit dat veel, vooral Aziatische landen hun militaire strategie veranderen en daaraan gekoppelde middelen aanschaffen. Het gebruik van cyberaanvallen, intercontinentale wapens of het voeren van oorlog op zee wordt steeds meer geconceptualiseerd in doctrine en beoefend. Daarnaast wordt ook geïnvesteerd in de middelen die deze doctrine mogelijk maken. Amerika is al lang niet meer het enige land met hoogwaardige technologische wapens waarmee op zeer lange afstand, zeer nauwkeurig kan worden toegeslagen. Zo investeert ‘the middle kingdom’ veel in haar cyber capaciteit, ruimte programma en marine. Iran heeft na de Stuxnet aanval een groot cyberleger aangewend. Rusland is sinds 2008 haar leger aan het hervormen waarbij veel van haar verouderde materiaal zal worden vervangen. Hierbij richt het zich vooral op de aanschaf van A2-AD middelen zoals schepen. Als de oorlog van morgen op deze wijze en met deze middelen wordt gevochten, dan moet vandaag worden geïnvesteerd op dat gebied in doctrine, organisatie, middelen en training. Amerika lijkt met zijn concept van Air-Sea Battle deze uitdaging aan te gaan.

Air-Sea battle: het idee
Amerika heeft een concept ontwikkeld om de A2-AD uitdagingen te beperken en naar zijn eigen hand te zetten. Dit concept heet de Air-Sea Battle (ASB). Een definitie voor de beeldvorming:

“The ASB Concept’s solution to the A2/AD challenge in the global commons is to develop networked, integrated forces capable of attack-in-depth to disrupt, destroy and defeat adversary forces. ASB’s vision of networked, integrated, and attack-in-depth (NIA) operations requires the application of cross-domain operations across all the interdependent warfighting domains (air, maritime, land, space, and cyberspace), to disrupt, destroy, and defeat (D3) A2/AD capabilities and provide maximum operational advantage to friendly joint and coalition forces.”

Het idee is dus om over de gehele breedte van de krijgsmacht en in welk domein dan ook in staat te zijn op geïntegreerde wijze diepte-operaties uit te voeren. Cross-domain operaties houdt in dat doctrine, communicatiemiddelen, processen etc. tussen landmacht, luchtmacht en marine geïntegreerd zijn. De strikte scheiding tussen krijgsmachtdelen wordt daarbij losgelaten, wat ervoor zorgt dat een commandant simpelweg over alles beschikt wat hij denkt nodig te hebben om zijn doelen te behalen. Ook kunnen eenheden tot op zeer lage niveaus van de defensieorganisatie gezamenlijk met elkaar optreden. Dat klinkt allemaal erg logisch, maar in de praktijk blijkt nog altijd dat de verschillen tussen krijgsmachtdelen groot zijn. Zo zagen we tijdens de twee golfoorlogen dat eerst een luchtcampagne werd uitgevoerd en daarna pas een landoffensief volgde. Niet bepaald geïntegreerd dus. ASB moet deze onzichtbare barrières doorbreken. Dit betreft ook de barrières die soms voorkomen dat een conflict verder escaleert. ASB vermijdt symmetrie. Het tit-for-tat principe gaat niet op en in plaats daarvan wordt asymmetrie juist opgezocht. Anders gezegd: vuur bestrijd je niet met vuur, maar met water en zand. Met een onderzeeboot kun je cyberoperaties uitvoeren en met satellieten kun je de command and control op de grond onmogelijk maken.

ASB verslaat de vijand door (niet chronologisch) (1) zijn commmand-, control-, communications-, computer-, intelligence-, surveillance-, en reconnaissance (C4ISR) systemen te verstoren; (2) de shooters te vernietigen en (3) zijn wapens uit te schakelen (bv de raketten in vlucht). Deze drie stappen beschrijven  kort de kill chain die een vijand moet doorlopen als hij effect wil sorteren. Het centrale uitgangspunt is dat de vijand niet wordt toegestaan de volledige keten te doorlopen. Een voorbeeld van een typische ASB aanval is bijvoorbeeld dat een piloot merkt dat hij is onderkend door een radar. Deze radar zal via een command and control systeem een signaal kunnen versturen om een luchtafweerraket zijn vliegtuig uit te laten schakelen. ASB maakt het echter mogelijk dat de piloot direct contact kan zoeken met een hacker in Amerika, die de radar elektronisch kan uitschakelen, zodat de vlieger hem vervolgens fysiek kan vernietigen. Deze synergie, op deze grote afstanden en tussen deze spelers, is op dit moment onmogelijk en daarmee de kern van de ASB.

ASB & diplomatie
ASB richt zich erg op het kinetisch verslaan van de vijand. Hier worden allerlei capaciteiten voor ontwikkeld en verplaatst, vooral naar de stille oceaan. Dit kan echter ook provocerend werken. De kill chain gaat er namelijk van uit dat je wel in een zeer vroeg stadium, liefst voor het eerste schot van de vijand, de vijandelijke ketting doorbreekt. Dit terwijl het operatieconcept ook voorschrijft dat je ook moet kunnen toeslaan vanuit een politiek en economisch isolement. Ook gaat de ASB er van uit dat commandanten op een laag niveau over zeer veel middelen kunnen beschikken. Hierop moeten wetten, rules of engagement, diplomatieke procedures en de rol van het Pentagon nog worden aangepast. Deze veranderingen kunnen op juridische weerstand stuiten. Amerika doet er dus enerzijds goed aan om zijn pijlen op ASB te richten. De wapenwedloop ontwikkelt zich in deze richting en het verbeteren van bepaalde capaciteiten kan derhalve de-escalerend werken. Dit was immers ook het geval met het Mutual Assured Destruction concept. Echter, het weghalen van onzichtbare barrières en de nadruk leggen op pre-emptive strikes brengen de nodige risico’s met zich mee. Het primaat zal dan ook ten alle tijden bij diplomatie moeten liggen. Daaraan verandert ASB voorlopig niets.

[Met twee missies achter de rug heeft Ronald Gabriels het respect van sergeant Hartman gewonnen. Als geboren Brabander heeft hij zijn onderkomen gevonden in de linksche Waalstad. Dit zorgt voor zinvolle vrije tijdsbesteding door er op los te trollen en te discussiëren met lotgenoten, critici of naabjes – ammunitie hiervoor vindt hij mede in zijn studie aan de Nederlandse Defensie Academie]

Disclaimert: Ronald schreef deze bijdrage op persoonlijke titel en de inhoud ervan komt niet noodzakelijkerwijs overeen met de visie van Stukje Duiding. Dat u het even weet.

Advertenties

5 thoughts on “Het air-sea battle concept: boksen met lange armen

  1. Krijg bij het lezen hiervan ongelofelijke pukkeltjes van de manier waarop “cyberaanvallen” worden gepositioneerd. Ten eerste het hypewoord “cyber”, het is niets meer en niets minder dan een verlengstuk van wat klassiek elektronische oorlogsvoering werd genoemd. Kortom, het verstoren van telecommunicatie en elektronische informatieverzameling en/of de introductie van onjuiste informatie in die twee. Het voorvoegsel “cyber” werkt alleen versluierend over de ware aard hiervan en dat is onmiddellijk te merken in dit blog. Want een aanval die het coördinerend vermogen van een natiestaat lamlegt door het verstoren van de telecommunicatieverbindingen is geen Anti-Access, maar eerder vergelijkbaar met het gooien van een neutronenbom op de hoofdstad van je tegenstander of op zijn minst dienst militaire hoofdkwartier.
    Het “cyber”-equivalent van een Anti-Access aanval op Iran is het afsnijden van alle internetverbindingen van Iran met de buitenwereld. Niet het lamleggen van alle internetcommunicatie binnen Iran. Het klinkt zo hip en fluffy, dat “cyber”, maar het is verre van dat. De lichtvaardigheid waarmee in deze analyse met het begrip wordt omgegaan doet vermoeden dat de auteur zich nog onvoldoende realiseert hoeveel schade deze middelen aan kunnen richten, tot op het punt dat er sprake kan zijn van een impact die vergelijkbaar is met die van massavernietigingswapens.

    • Walter, dank je voor je reactie. Het is goed om te lezen dat je kritisch naar het begrip cyber kijkt. Ik ben het met je eens dat het “cyberwapen” nog een onderwerp is omgeven door mist en een “opgehypt” is. Veel landen, legers, bedrijven en burgers zijn nog aan het bedenken, ondervinden en voorspellen wat het allemaal kan en doet.

      Ik ben echter van mening dat, zeker op dit moment, cyber nog niet onder de categorie massavernietigingswapens valt. Ik heb hier al eerder wat over geschreven op SD (https://stukjeduiding.com/2013/07/15/cyber-catchy-en-vooral-katsjieng/) . Cyberaanvallen kunnen als ondersteunde activiteit bijdragen aan de effecten van een operatie of zelfs een effect op zich op hun rekening nemen. Het heeft echter veel beperkingen. Denk hier aan juridische aspecten, attributie problematiek, blowback effecten, hoge kosten en een beperkte effectiviteit. Voor meer duiding verwijs ik je graag naar het artikel. Om dus het cyber (of EW als we van jouw definitie uitgaan) als massavernietigingswapen te bestempelen gaat mij veel te veer. Al is het alleen maar vanwege het feit dat er nog nooit iemand is dood gegaan door een cyberaanval (http://www.rand.org/blog/2013/08/dont-buy-the-cyberhype.html?utm_campaign=rand_socialflow_facebook&utm_source=rand_socialflow_facebook&utm_medium=socialflow).

      Ik ben ook van mening dat een cyber aanval wat anders is dan electronic warfare (EW). Ook in de militaire doctrine wordt het verschil nog steeds onderschreven. EW vindt per definitie plaats in het elektromagnetische spectrum. Daarnaast is het doorgaans ondersteunend aan een tactische campagne. Cyber daarentegen is per definitie netwerk-centric en kan als separate campagne opgenomen worden in een operatie.

      Jouw voorbeelden over de cyberaanvallen die of Iran intern raken of Iran isoleert ten opzichte van het buitenland zijn beiden ASB aanvallen. Let wel, Amerika heeft geen A2-AD concept. Het heeft te maken met de uitdagingen van A2-AD en neigt naar de Air-Sea battle om er een antwoord op te kunnen geven. Het gaat er bij ASB dat je op grote afstand diepe operaties kan uitvoeren. Cyber leent zich hier natuurlijk perfect voor, je kan immers met een druk op de knop ergens anders op de wereld effect sorteren. Het draait echter niet alleen om Cyber. ASB draait ook om middelen als ballistische raketten, vliegdekschepen, onderzeeboten e.d. De middelen kunnen nooit leidend zijn in een concept, ze geven enkel uitvoering aan het concept.

      Dus Walter, ik ben van mening dat cyber nog niet helemaal zo ver is als jij doet vermoeden. Ik denk zelfs dat cyber zich ook nooit tot zoiets zal ontwikkelen. Daarnaast zal cyber een rol spelen in ASB maar zeker niet bepalend zijn. Kinetische en letale middelen zijn uiteindelijk het meest effectief en nemen derhalve in de ASB, waar het draait om disrupt, destroy en defeat, een belangrijkere plek in.

  2. Pingback: Nederland en de wondere wereld van ‘drones’ | Stukje Duiding

  3. Pingback: Nederland en de wondere wereld van ‘drones’ | ThePostOnline

  4. Pingback: Offshore Control: niet boksen, maar blokken | Stukje Duiding

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s